Peelgemeenten tegen jeugdzorg-coöperatie

 
De gemeenten Asten, Someren en Laarbeek kondigden deze week aan zelf jeugdzorg uit te willen voeren. Daarmee worden ze toezichthouder, opdrachtgever en uitvoerder, zo schrijft Eindhovens Dagblad. Circa dertig jeugd- en gezinscoaches in Asten, Someren en Laarbeek zijn nu nog in dienst van instellingen als LEV Groep, Bijzonder Jeugdwerk en MEE. Daardoor zou feitelijk niemand eindverantwoordelijk zijn. Met het plan Jeugd Inc. willen de zorg- en welzijnsorganisaties antwoord geven op de kritiek dat de jeugdzorg in de Peel te versnipperd is. Maar de colleges van burgemeester en wethouders van de drie gemeenten zijn tegen. De Peelgemeenten, het samenwerkingsverband op het gebied van zorg in de regio wil begin 2020 zelf jeugdzorg-specialisten in dienst nemen.
 
Lees meer:

Onderzoek toont aan: forse tekorten jeugdzorg bij gemeenten

Bij nagenoeg alle onderzochte gemeenten is sprake van een tekort op de begroting voor jeugdzorg. Dat blijkt uit onderzoek dat minister Hugo de Jonge liet uitvoeren naar de wachtlijsten en de geldzorgen in de jeugdzorg, zo schrijft Trouw. Twee derde van de gemeenten komt meer dan 20 procent tekort en een op de vijf gemeenten heeft een tekort van meer dan 40 procent. Uit het onderzoek blijkt ook dat gemeenten tussen 2015 en 2017 zo’n 12 procent meer jongeren hielpen. De groei geldt voor alle vormen van jeugdzorg, zowel de lichte als de zware hulp.
De Jonge: “We moeten nu kijken welke financiële maatregelen er nodig zijn. Maar ook wat er breder nodig is om de jeugdzorg te verbeteren.” De minister komt in mei met nadere plannen. Hoeveel geld erbij komt en of dat voor alle gemeenten geldt is nog niet duidelijk.

Lees meer:
Flinke tekorten voor jeugdzorg bij gemeenten

Kamerbrief over Aanbieding verdiepend onderzoek jeugd

‘Kwetsbaar kind krijgt niet benodigde hulp’

26 maart ANP Binnenland

Kwetsbare kinderen krijgen vaak niet de hulp die zij nodig hebben, omdat er te weinig samenhang is in de jeugdhulp. Dat zegt Kinderombudsman Margrite Kalverboer. In een brief roept ze minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) op om dit te verbeteren.

Volgens de Kinderombudsman worden de problemen in de jeugdhulp, jeugdbescherming, jeugd-ggz en het passend onderwijs steeds groter. Vooral de meest kwetsbare kinderen die te maken hebben met verschillende instanties krijgen niet de hulp die zij nodig hebben, stelt Kalverboer. ,,Er is geen plek voor kinderen die dringend psychische hulp nodig hebben, voogden wisselen elkaar in snel tempo af en kinderen zitten soms maandenlang thuis omdat er geen passend onderwijs is. Ondanks de brede inzet van alle betrokken partijen, lukt het ons niet om de hulp voor deze kinderen goed te regelen.”

Bovendien werken de verschillende organisaties volgens haar vaak langs elkaar heen en is het soms onduidelijk wie verantwoordelijk is voor de hulp. ,,Kinderen die onze hulp het hardste nodig hebben, belanden zo tussen wal en schip”, aldus Kalverboer.

Bron:

Steeds meer incidenten gesloten jeugdzorg, minister wil roer omgooien

 
25 maart 2019 21:06
 
Het aantal incidenten in de gesloten jeugdzorg neemt toe en dus moet het roer om, vindt minister De Jonge. Vandaag presenteert hij een actieplan dat door jeugdzorg is geschreven om dat voor elkaar te krijgen. De 20-jarige Jason strijdt al jaren voor een revolutie. “Ik zat in vijf gesloten klinieken en zag zo’n 135 hulpverleners.”
 
De gesloten jeugdzorg moet een laatste redmiddel zijn voor kwetsbare kinderen, maar volgens de Inspectie Gezondheidszorg krijgen veel jongeren niet de zorg die ze nodig hebben.
 
Het aantal incidenten neemt ook toe: in 2017 pleegden 5 kinderen in de gesloten jeugdzorg zelfmoord.
Roer moet om
 
Minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid wil dat het roer in de sector binnen 3 jaar omgaat.
 
Het plan van jeugdzorg heeft twee belangrijke doelen:
 
Voorkomen dat kinderen zo vaak terechtkomen in de gesloten jeugdhulp door betere begeleiding thuis. De Jonge: “Langdurig verblijf in een gesloten instelling is nooit goed voor een kind. Daarom wil ik, als het nodig is, het verblijf zo kort mogelijk houden.”
Betere hulp als kinderen wél worden opgenomen. Zo moeten kinderen meer persoonlijke begeleiding krijgen en moeten alle medewerkers geschoold worden op het gebied van zelfmoordpreventie. “En we moeten echt stoppen met het plaatsen van kinderen in isoleercellen”, zegt De Jonge.
 
Mezelf kapot maken
 
De 20-jarige Jason Bhugwandass strijdt al jaren voor een revolutie in de jeugdzorg. Hij zat op zijn zeventiende ruim een jaar in een gesloten instelling. In 13 maanden tijd zat hij in vijf gesloten klinieken en had hij zo’n 135 hulpverleners.
 
“De jeugdzorg heeft veel gemeen met de gevangenis. Naar mijn gevoel had ik ook straf, ondanks dat ik daar voor suicidale klachten zat. Ik werd opgesloten in gebouwen met super hoge hekken. Regelmatig werd ik in een isoleercel geplaatst.”
Jason: ‘Op mijn schouder zit mijn hulphond Lenon, die heb ik altijd bij me’ Jason: ‘Op mijn schouder zit mijn hulphond Lenon, die heb ik altijd bij me’
© Rick Huisinga
Het roer om
 
Dat moet anders, vindt de minister. De Jeugdzorg schreef mee aan het plan van de minister. “Het is echt een plan dat vanuit de sector zelf komt. De sector staat onder druk”, zegt Lieke van Domburgh namens Jeugdzorg.
 
“Er staan met dit plan concrete acties op de rol. Voor de lange termijn meer kleinschalige zorg en beter passende zorg”, zegt Van Domburgh. “Voor de korte termijn willen we medewerkers beter scholen op het gebied van zelfmoordpreventie.”
Het goede voorbeeld
 
Behandelgroep De Smaragd (onderdeel van jeugdzorgorganisatie de Hoenderloo Groep) in het Gelderse Deelen is daar ook heel ver mee. “De zorg die hier wordt gegeven is wel duurder dan op andere instellingen. Dat zit hem vooral in het personeel. Er zijn gewoon meer begeleiders en de groepen zijn kleiner.”
 
Maar daar hangt wel een prijskaartje aan en dat heeft minister De Jonge vooralsnog niet. “Als we zorgen dat er minder kinderen in de gesloten jeugdzorg hoeven te verblijven, durf ik de stelling wel aan dat op den duur de zorg niet duurder wordt”, besluit de minister.
 

MOTIE OVER WAARHEIDSVINDING DOOR 149 STEMMEN AANGENOMEN.

 

FELICITATIES AAN MEVR. VERA BERGKAMP (D66) EN MENEER VAN DER STAAIJ (SGP)

Strafrechterlijk hebben daders en – wat minder de slachtoffers – meer te zeggen dan

ouders in de civiele zaak over hun kind(eren) bij de (nep) kinderrechter.

Dit komt:

1 door enorme macht van Jeugdbescherming/Jeugdzorg e.a.

2 door die (nep)kinderrechters: stempelaars voor Jeugdzorg.

Dat onze Tweede Kamerleden nog meer moties zullen indienen om het dramatische uiteen rukken van gezinnen te voorkomen.

Recente acties Dutch Child Center:
– scherpe brieven naar Vaste Kamercommissie VWS-Jeugd
– actie ” GELE HESJES ” 5 weken lang
– bezoeken aan Kamerleden

Doelen Dutch Child Center:
– goede jeugdzorg thuis
– jeugdzorg zonder uithuisplaatsing

De inspectie doet onderzoek naar zogenaamde ‘zwijgcontracten’ in de zorg

 

Dit zijn vaststellingsovereenkomsten tussen personen en zorginstellingen met een ongewenste inhoud. Heeft een zwijgcontract getekend? Dan vragen we u dit te melden bij ons. Dat kan ook anoniem. Lees hier wat u kunt doen.

Wij spreken van een ongewenste inhoud als bijvoorbeeld één of meerdere van onderstaande punten staan opgenomen:

  • verplicht zwijgen
  • afzien van een gang naar de tuchtrechter
  • afzien van aangifte bij politie of openbaar ministerie om strafrechtelijke vervolging te ontlopen
  • afzien van melden bij de inspectie
  • afzien van inschakelen van de media

Hoe kan ik melden?

U kunt contact opnemen met het Landelijk Meldpunt Zorg.

Werkt u in de zorg? Dan kunt een e-mail sturen naar Meldpunt IGJ via of telefonisch contact opnemen via 088 – 120 5000.
Wij zijn van maandag tot en met vrijdag bereikbaar tussen 9.00 en 17.00 uur.

U kunt ook een brief sturen naar:
Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, Postbus 2518, 6401 DA Heerlen.
Waarom onderzoekt IGJ zwijgcontracten?

Met ons toezicht willen we de kwaliteit en veiligheid van de zorg bewaken. En overeenkomsten met een dergelijke inhoud staan hier haaks op.
Wat doet de inspectie met uw informatie?

We willen met een breed onderzoek in kaart brengen wat voor soort vaststellingsovereenkomsten er worden gesloten. We willen weten waar in de zorgsector dit speelt, om welke redenen dit wordt gedaan.

Om dit te weten te komen is uw melding van groot belang! Als u zich meldt bij de inspectie, dan zullen wij persoonlijk met u de mogelijkheden bespreken. We willen informatie inwinnen en inzicht krijgen in de contracten om te bepalen of de vaststellingsovereenkomsten een ongewenste inhoud hebben. U kunt anoniem melden. We gaan zeer vertrouwelijk met uw informatie om.

Jongeren gezocht voor onderzoek over uithuisplaatsingen

27 februari 2019 Dossier: Familierecht
 
Elk jaar zijn er vele kinderen die tijdelijk of voor een langere tijd niet meer bij hun ouders kunnen wonen. Rechters, gezinsvoogden en andere hulpverleners maken daar een keuze over. Om een goede keuze te maken is het belangrijk dat kinderen kunnen participeren bij deze beslissing. Hoe vinden kinderen dat het thuis gaat? Waar willen kinderen het liefst heen? Sommige mensen vinden het moeilijk om dit aan jonge kinderen te vragen. In dit onderzoek willen wij jongeren en jongvolwassenen (16-26 jaar) spreken die als jong kind uithuisgeplaatst zijn, en hen vragen welke tips ze hebben voor hulpverleners. We doen het onderzoek samen met de Rijksuniversiteit Groningen.
 
Wat houdt het onderzoek in?
 
Een onderzoeker komt 1x naar jou toe: thuis of een andere gewenste locatie.
Je beantwoordt vragen over hoe hulpverleners beter met jonge kinderen kunnen praten en hen beter kunnen betrekken in de beslissing tot uithuisplaatsing.
Het gesprek duurt ongeveer een uur en wordt opgenomen met een voice-recorder.
 
Wie kan meedoen?
 
Wij zoeken jongeren en jongvolwassenen voor dit onderzoek die:
Tussen de 16 en 26 jaar oud zijn.
Na hun 4e en voor hun 12e verjaardag uithuisgeplaatst zijn.
Daarna tijdelijk of voor een langere tijd in één of meerdere pleeggezinnen (netwerk of onbekenden), gezinshuizen of residentiele woongroepen hebben gewoond.
 
Wat krijg jij er voor terug?
 
Deelname is anoniem en vertrouwelijk, maar alle tips van jou en andere jongeren worden doorgegeven aan hulpverleners. Zij kunnen jullie tips gebruiken wanneer zij overwegen jonge kinderen uit huis te plaatsten. Zo draag jij bij aan meer en betere participatie!
Je krijgt een klein bedankje in de vorm van een spel of een bioscoopbon van 10 euro.
 
Wil je meedoen of heb je vragen?
 
)
 

Familie, buren en vrienden krijgen hoofdrol in jeugdhulp Hoogeveen

Familie, buren en vrienden krijgen hoofdrol in jeugdhulp Hoogeveen
 
‘Jong Hoogeveen heeft de Toekomst’ is de tekst op een tegel die vandaag op het schoolplein van basisschool De Krullevaar is gelegd. De gemeente Hoogeveen introduceert daarmee een nieuw jeugdzorgbeleid. Doel is kinderen en jongeren uit de hulpverlening te houden door bij problemen ouders, de omgeving en andere jongeren in te schakelen.
Geschreven door
Hielke Meijer
Hoogeveen heeft de nieuwe werkwijze afgekeken van Leeds. Deze Engelse stad gooide acht jaar geleden het beleid over een andere boeg. Want steeds meer jongeren kwamen in de hulpverlening en vervolgens in opvangplekken terecht.
 
Voorbeeld Leeds
Sue Rumbolt en Andy Lloyd van Childfriendly City Leeds zijn deze week in Hoogeveen om de filosofie achter hun beleid aan een eerste groep Hoogeveense leraren en hulpverleners uit te leggen.
 
Rumbolt: “Hulpverleners, bedrijven en scholen in Leeds zijn gaan samenwerken. We wilden drie dingen veranderen. Ten eerste het aantal kinderen dat in een jeugdopvang terechtkomt laten dalen. Het tweede is jongeren na school begeleiden naar een goede vervolgopleiding of een baan. Het derde is dat we kinderen helpen om goede resultaten op school te halen.”
 
Hoogeveense Aanpak
Trudy Leijssenaar is directeur van OBS Villa Kakelbont in Hoogeveen. “Elke school heeft nu nog zijn eigen methode, nu wordt dat overal hetzelfde. We noemen het de Hoogeveense Aanpak. Dat is bijvoorbeeld als twee kinderen ruzie hebben, je met met elk kind in gesprek gaat, om het samen op te lossen.”
 
“Kinderen willen we laten inzien wat er gebeurd is, hoe zij zich daar beiden bij voelen en wie daardoor geraakt is en wat ze nodig hebben om weer verder te gaan”, vervolgt Leijssenaar. “Als kinderen dat elkaar kunnen uitleggen, kunnen ze elkaar misschien helpen. Als leerkrachten, ouders en sportdocenten wil je het graag voor de kinderen doen, nu doe je het mét de kinderen.”
 
Minder jeugdopvang
De inschakeling van de omgeving hielp in Leeds. Terwijl in In andere Engelse steden het aantal jongeren in de opvang nog altijd stijgt, daalt dat aantal in Leeds. In acht jaar tijd elf procent minder kinderen en jongeren in de opvang. Het bespaarde de stad al twintig miljoen pond, zegt Rumbolt.
 
“Het verschil is dat we met de mensen, de familie en de omgeving van een jongere samen werken”, zegt Rumbolt. “Het uitgangspunt is dat eerst moet worden vastgesteld of de thuissituatie deze aanpak toelaat.”
 
Lange adem
Wethouder Gert Vos heeft goede verwachtingen van de aanpak: “In Hoogeveen groeien veel kinderen op in een achterstandssituatie. Wij willen die kinderen gelijke kansen op een goede toekomst geven. Het is een aanpak van lange adem, maar ik geloof er heilig in dat dit tot resultaat gaat leiden.”
 

Maatregelen RvdK na rapporten Inspecties

13-02-2019 bron: Raad voor de Kinderbescherming

Kinderbescherming wachtlijsten toezicht

Naar aanleiding van de rapporten van de Inspecties Justitie en Veiligheid en Gezondheidszorg en Jeugd over de wachttijden en de toezichthoudende taak van de RvdK.

Rapport wachttijden beheer

De RvdK heeft te hoge wachttijden. De Inspecties Justitie en Veiligheid en Gezondheidszorg en Jeugd hebben onderzoek gedaan naar de maatregelen die de RvdK heeft getroffen om risico’s voor wachtende kinderen te beperken. De minister heeft het onderzoek met een beleidsreactie vandaag aan de kamer aangeboden.

De RvdK prioriteert de onderzoeken. Als kinderen in acuut onveilige situaties verblijven, start de RvdK direct het onderzoek. De RvdK is het met de inspecties eens, dat de maatregelen die toezien op de veiligheid van de kinderen die langer moeten wachten, aanscherping verdienen. Uit een eigen onderzoek van de RvdK naar het beheer van de wachtlijsten komt naar voren dat op casusniveau scherpe en concrete afspraken nodig zijn met ouders en ketenpartners, als de wachttijd langer is.

Uiterlijk 1 maart gaat de RvdK met de betrokken partners deze afspraken maken. Bij alle meldingen voor kinderbeschermingsonderzoeken wordt een risico-uitspraak gedaan, waarin het ontbreken of weigeren van hulpverlening wordt meegewogen. Ook wordt vastgelegd hoe de veiligheid minimaal moet worden gegarandeerd, wie toezicht houdt en wat de consequenties zijn als de afspraken niet worden nageleefd. De melder of casusregisseur wordt actief geïnformeerd over de wachttijd.

Verkorten wachttijden

De Inspecties onderstrepen de urgentie om de wachttijd voor onderzoek te verkorten. Alleen dan kunnen de risico’s voor de kinderen beperkt blijven. De norm voor de wachttijd voor raadsonderzoek is tien dagen. De eerste kwartalen van 2018 bedroeg die tijd gemiddeld dertig dagen, vanaf 1 januari publiceert de RvdK elke maand de gemiddelde landelijke wachttijden voor onderzoek op de website. Onder de naam ‘Versnellen naar 2020’ voert de RvdK sinds oktober 2018 een pakket maatregelen uit dat er op gericht is de wachttijden terug te brengen. Om er zeker van te zijn dat de wachttijden binnen de norm gaan vallen is het nodig dat de RvdK zich meer gaat richten op zijn wettelijke taken. Sinds de decentralisatie van de jeugdhulp zijn medewerkers veel tijd kwijt aan het beantwoorden van algemene vragen en consulten van samenwerkingspartners, terwijl dit niet tot hun kerntaak behoort. De RvdK zal met de samenwerkingspartners in gesprek gaan over wat zij van hem mogen verwachten. De website zal worden aangepast, zodat relevante informatie gemakkelijker toegankelijk wordt. Met de betrokken partners zal bovendien worden nagegaan op welk ogenblik in het proces behoefte is aan de expertise van de RvdK.

Rapport Toezichthoudende taak

Ook hebben de inspecties onderzoek gedaan naar de toezichthoudende taak van de RvdK op de jeugdreclassering door de Gecertificeerde Instellingen. De RvdK beoordeelt of de gestelde reclasseringsdoelen worden gehaald en termijnafspraken worden nageleefd. De inspecties concluderen dat de wijze waarop de RvdK nu uitvoering geeft aan de toezichthoudende taak onvoldoende bijdraagt aan de borging van continuïteit en samenhang binnen de jeugdstrafrechtketen. Daarmee maakt de RvdK zijn toezichthoudende taak onvoldoende waar. Hier is volgens de Inspecties verbetering op noodzakelijk. Medewerkers van de RvdK geven nu prioriteit aan andere taken waardoor de toezichthoudende taak hieraan ondergeschoven raakt.

Zoals de inspecties aangeven, is de RvdK voor een goede uitvoering van zijn toezichthoudende taak afhankelijk van de andere partners in de jeugdstrafrechtketen en is meer scherpte noodzakelijk over de verantwoordelijkheden van de RvdK en andere betrokkenen. De RvdK gaat met de aanbevelingen van de inspecties aan de slag en stelt in overleg met de ketenpartners nog voor de zomer een plan op om het toezicht op de uitvoering van de jeugdreclassering te verbeteren.

Het versterken van de toezichthoudende taak vraagt de komende tijd verhoogde inzet van tijd en capaciteit van de medewerkers. Tegelijk zet de RvdK fors in op het terugbrengen van de wachttijden. Beide opgaven betekenen een forse inspanning voor de medewerkers, maar de RvdK zet alles op alles om deze twee doelen te realiseren. Over de voortgang blijft de RvdK periodiek verantwoording afleggen aan de inspecties en de minister

Bron:

Aantal gezinshuizen blijft stijgen

Het aantal gezinshuizen en het aantal kinderen/jongeren dat in gezinshuizen woont, is in de afgelopen twee jaar gestegen. In 2018 waren er 937 gezinshuizen waar 3113 kinderen/jongeren woonden. Een stijging van respectievelijk 20% en 22,6% ten opzichte van 2016. Deze cijfers en nog meer informatie staan in de nieuwe Factsheet Gezinshuizen 2018.

Lees meer …