MOTIE OVER WAARHEIDSVINDING DOOR 149 STEMMEN AANGENOMEN.

 

FELICITATIES AAN MEVR. VERA BERGKAMP (D66) EN MENEER VAN DER STAAIJ (SGP)

Strafrechterlijk hebben daders en – wat minder de slachtoffers – meer te zeggen dan

ouders in de civiele zaak over hun kind(eren) bij de (nep) kinderrechter.

Dit komt:

1 door enorme macht van Jeugdbescherming/Jeugdzorg e.a.

2 door die (nep)kinderrechters: stempelaars voor Jeugdzorg.

Dat onze Tweede Kamerleden nog meer moties zullen indienen om het dramatische uiteen rukken van gezinnen te voorkomen.

Recente acties Dutch Child Center:
– scherpe brieven naar Vaste Kamercommissie VWS-Jeugd
– actie ” GELE HESJES ” 5 weken lang
– bezoeken aan Kamerleden

Doelen Dutch Child Center:
– goede jeugdzorg thuis
– jeugdzorg zonder uithuisplaatsing

Zoekoptimalisatie

INHUISPLAATSING, WEER NAAR HUIS

UITHUISPLAATSING, NOOIT MEER THUIS

SPOEDMACHTIGING = GEBELD MET KINDERRECHTER = TOESTEMMING OM KIND SNEL TE PAKKEN
WAARHEIDSVINDING = ZOEKEN NAAR BEWIJS/BEWIJZEN
BEWIJSLOZE KINDERRECHTERS : WERKEN ZONDER BEWIJS WEL MET DUBIEUZE RAPPORTEN
DUIDELIJKE RICHTLIJNEN = AFSPRAKEN
AANNAMES – GEDACHTEN – INDRUKKEN – VERMOEDENS

SPOEDUITHUISPLAATSING = SNEL WEGVOEREN VAN KINDEREN EN ERGENS PLAATSEN PERSPECTIEF BIEDEND
PLEEGGEZIN = TOEKOMST BIEDEND PLEEGGEZIN ——– KIND KWIJT
TRANSPARANT = DUIDELIJK OPENBAAR INZICHTELIJK
GEZAGSONTHEFFING = OUDERS NIETS MEER TE ZEGGEN LETTERLIJK

GECERTIFICEERDE (GOEDGEKEURDE) INSTELLING = JEUGDBESCHERMING, WSG, LDH, PARLAN.
MEER KINDERRECHT ——– KINDERRECHT IS SLECHT ——– KINDEREN HEBBEN GEEN ENKELE KANS
HET BELANG VAN HET KIND/OUDERS HET FINANCIELE BELANG VAN INSTANTIES
AMBULANTE HULP = HULP THUIS
GEEN VOOGDIJ MAAR MENTOR
JIM = DOOR JOUW INGEBRACHTE MENTOR
INTENSIEVE PEDAGOGISCHE THUISHULP = VEEL HULP THUIS DOOR THUISBEGELEIDING
OUDERS WORDEN AAN LOT OVERGELATEN DOOR JEUGDZORG

ONAFHANKELIJKE JEUGDHULP – NIETGEBONDEN AAN OVERHEID BESTAAT NIET IN NEDERLAND.
ONS-KENT-ONS MENTALITEIT = GEDRAG BIJ JEUGDZORG, KINDERBESCHERMING EN RECHTERS
KETENLOYALITEIT = OVERDREVEN COLLEGIALE VRIENDELIJKHEID

VOORLICHTING OVER ALLE JEUGDHULP (FAMILIEGROEPSPLAN,OMBUDSMAN, JONGERENRAAD)
VEEL PRATEN OVER PLEEGZORG EN VOOGDIJ —— UITHUISPLAATSING NIET OVER PRATEN
TRANSPARANTIE OVER JEUGDHULP : CIJFERS EN OVERZICHTEN DOOR JEUGDZORG E.A.

FREQUENTE BEZOEKREGELINGEN = ELKAAR REGELMATIG ZIEN MINIMAAL EENS PER WEEK
OOK VOOR OPA’S EN OMA’S
OUDERVERSTOTING: KORTER PROCES VAN ONTKENNING BIJ KINDEREN OVER HUN OUDERS.
HECHTINGSPROBLEMEN
KINDEREN STEUNEN IN RELATIEHERSTEL : VERBETEREN CONTACT TUSSEN KIND EN OUDERS
LOYALITEITSCONFLICT

LOTGENOTENCONTACT OUDERS AAN HUN LOT OVERLATEN
EEN GOEDE OUDERORGANISATIE VOOR EENZAAMHEID BIJ KIND – KWIJT
HERKENNING, TIPS, STEUN, SITE

De inspectie doet onderzoek naar zogenaamde ‘zwijgcontracten’ in de zorg

 

Dit zijn vaststellingsovereenkomsten tussen personen en zorginstellingen met een ongewenste inhoud. Heeft een zwijgcontract getekend? Dan vragen we u dit te melden bij ons. Dat kan ook anoniem. Lees hier wat u kunt doen.

Wij spreken van een ongewenste inhoud als bijvoorbeeld één of meerdere van onderstaande punten staan opgenomen:

  • verplicht zwijgen
  • afzien van een gang naar de tuchtrechter
  • afzien van aangifte bij politie of openbaar ministerie om strafrechtelijke vervolging te ontlopen
  • afzien van melden bij de inspectie
  • afzien van inschakelen van de media

Hoe kan ik melden?

U kunt contact opnemen met het Landelijk Meldpunt Zorg.

Werkt u in de zorg? Dan kunt een e-mail sturen naar Meldpunt IGJ via of telefonisch contact opnemen via 088 – 120 5000.
Wij zijn van maandag tot en met vrijdag bereikbaar tussen 9.00 en 17.00 uur.

U kunt ook een brief sturen naar:
Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, Postbus 2518, 6401 DA Heerlen.
Waarom onderzoekt IGJ zwijgcontracten?

Met ons toezicht willen we de kwaliteit en veiligheid van de zorg bewaken. En overeenkomsten met een dergelijke inhoud staan hier haaks op.
Wat doet de inspectie met uw informatie?

We willen met een breed onderzoek in kaart brengen wat voor soort vaststellingsovereenkomsten er worden gesloten. We willen weten waar in de zorgsector dit speelt, om welke redenen dit wordt gedaan.

Om dit te weten te komen is uw melding van groot belang! Als u zich meldt bij de inspectie, dan zullen wij persoonlijk met u de mogelijkheden bespreken. We willen informatie inwinnen en inzicht krijgen in de contracten om te bepalen of de vaststellingsovereenkomsten een ongewenste inhoud hebben. U kunt anoniem melden. We gaan zeer vertrouwelijk met uw informatie om.

Uithuisplaatsing: meer garanties nodig dat het beter gaat met de kinderen

 

1 februari 2019 Jeugdbescherming Ido Weijers

Helaas wordt ons vertrouwen in de jeugdbescherming met enige regelmaat ernstig beschadigd. Zo kwam onlangs in een uitzending van Nieuwsuur een reeks schrijnende fouten in een en dezelfde casus aan het licht. Een veertienjarige was bij een alleenstaande pleegvader geplaatst. Al snel bleek hier sprake van seksueel misbruik. De pleegvader meldde het misbruik zelf bij éen van de drie betrokken zorgorganisaties, maar stelde het vals voor: Mustafa zou zelf hebben verzocht om seksueel contact en hij zou daar slechts ‘op diens verzoek’ op zijn ingegaan. Hoewel deze voorstelling zijn gedrag uiteraard niet minder laakbaar en strafbaar maakt, verdiepte geen van de betrokken organisaties – Jeugdbescherming Gelderland, het Verdihuis in Oss en de Stichting Voorziening voor Pleegzorg – zich in de zaak. Ze deden evenmin een melding bij Veilig Thuis of aangifte.

Het Verdihuis, dat zichzelf op haar website aanprijst als ‘beste werkgever 2018-2019’ en dat zegt ‘wonen in een veilige omgeving’ te garanderen, blijkt al jarenlang cliënten bij de pleegvader te plaatsen. De organisatie doet er alles aan om te zorgen dat het deze opvangplek niet kwijtraakt. “Het Verdihuis ziet geen aanleiding om te stoppen met dit gezinshuis”, schrijft de organisatie. “Wel blijft het de taak van het Verdihuis om de gezinsouder zo goed mogelijk te begeleiden zodat hij op een prettige manier verder kan met de opvang in zijn gezinshuis.”

Alsof deze opstelling al niet erg genoeg is, besluit men ook dat de jongen nog twee maanden bij de pleegvader moet blijven wonen, waarna het misbruik gewoon doorgaat. Zonder excuses voor deze misstand en zelfs zonder enige specifieke ondersteuning naar aanleiding van deze traumatische ervaring, wordt hij vervolgens in een gesloten instelling geplaatst. Gegeven de niet weersproken beschuldiging – ‘hij vroeg er zelf om’ – voelde hij zich daar als dader in plaats van als slachtoffer benaderd en zeer onveilig.

Als hij acht jaar later eindelijk aangifte durft te doen wordt de voormalige pleegvader door het Gerechtshof veroordeeld tot 24 maanden cel. Pleegvader voelt zich gesteund door de zorgorganisaties en procedeert door, maar de Hoge Raad bevestigt dit vonnis twee jaar later. Het vonnis bevestigt tevens dat het misbruik na de eerste melding nog twee maanden is doorgegaan. Helaas komt hiermee nog geen einde aan deze treurige geschiedenis. Na de laatste veroordeling verzamelt de jongeman de moed om de betrokken organisaties ter verantwoording te roepen: waarom heeft niemand ingegrepen? In plaats dat alsnog ruiterlijk excuses volgen, leidt dit tot een jarenlange worsteling om erkenning. En als hij uiteindelijk excuses en een schadevergoeding krijgt, legt Jeugdbescherming Gelderland hem een contract voor, dat hem verbiedt met anderen te praten over deze zaak. De advocaat van de organisatie prent hem dit meerdere malen in. Toch meldt Mustafa zich uiteindelijk bij de Inspectie. Die oordeelt tenslotte dat zo’n zwijgcontract nooit opgesteld had mogen worden.

Het verantwoordelijk ministerie van Volksgezondheid heeft tot nog toe weinig haast gemaakt met een wettelijk verbod en strafbaarstelling van dergelijke zwijgcontracten. Toch is allang bekend dat die ook elders in de zorg – in de ziekenhuis-, gehandicapten- en ouderenzorg – voorkomen. Minister Hugo de Jonge twitterde in reactie op de uitzending dat hij daar wel voor voelt. Het kan geen kwaad als de Kamer hem hierop aanspreekt en naar aanleiding van het optreden van Jeugdbescherming Gelderland in deze zaak aandringt op spoed met een dergelijk verbod.

Maar het lijkt intussen ook tijd om het hele beleid van Jeugdbescherming Gelderland kritisch door te lichten. Ik herinner aan het al even pijnlijke en goed gedocumenteerde verhaal dat eind vorig jaar verscheen in de NRC over een klein particulier opvangtehuis in Gelderland – C&S – waar tien kinderen met gedragsstoornissen via dezelfde Gelderse instelling bij acht volwassenen met uiteenlopende psychiatrische stoornissen waren geplaatst, met een nauwelijks opgeleide begeleider, soms met één stagiair, soms alleen een stagiair, vrijwel zonder zorg- of begeleidingsplan, met volstrekt onvoldoende geld voor eten en andere behoeften en chaotische disciplinaire regels. Jarenlang keek de zorgorganisatie nauwelijks om naar wat hier feitelijk gebeurde. Net als in het geval van de pleegvader was men blind en voelde men zich niet verantwoordelijk voor evidente misstanden. Zowel de kinderen als de volwassenen zijn er inmiddels weggehaald. De sociale recherche doet onderzoek naar de financiële administratie.

Ook hier lijkt de leidende gedachte bij Jeugdbescherming Gelderland geweest om deze opvangplek niet kwijt te raken en is het belang van de kinderen daar langdurig aan ondergeschikt geweest. Deze pijnlijke voorbeelden drukken ons voor de zoveelste keer met de neus op het feit dat we alleen onder garantie, dat we werkelijk kunnen vertrouwen op een superalerte uitvoering van en toezicht op de jeugdbeschermingsmaatregelen, tot zo’n ingrijpende beslissing als uithuisplaatsing kunnen overgaan. Als de veiligheid van deze kinderen niet is gegarandeerd, stort deze kant van de jeugdbescherming als een kaartenhuis in elkaar.

Bron: http://blog.pedagogiek.nu/blog/2019/02/01/uithuisplaatsing-meer-garanties-nodig-dat-het-beter-gaat-met-de-kinderen/

Jongeren gezocht voor onderzoek over uithuisplaatsingen

27 februari 2019 Dossier: Familierecht
 
Elk jaar zijn er vele kinderen die tijdelijk of voor een langere tijd niet meer bij hun ouders kunnen wonen. Rechters, gezinsvoogden en andere hulpverleners maken daar een keuze over. Om een goede keuze te maken is het belangrijk dat kinderen kunnen participeren bij deze beslissing. Hoe vinden kinderen dat het thuis gaat? Waar willen kinderen het liefst heen? Sommige mensen vinden het moeilijk om dit aan jonge kinderen te vragen. In dit onderzoek willen wij jongeren en jongvolwassenen (16-26 jaar) spreken die als jong kind uithuisgeplaatst zijn, en hen vragen welke tips ze hebben voor hulpverleners. We doen het onderzoek samen met de Rijksuniversiteit Groningen.
 
Wat houdt het onderzoek in?
 
Een onderzoeker komt 1x naar jou toe: thuis of een andere gewenste locatie.
Je beantwoordt vragen over hoe hulpverleners beter met jonge kinderen kunnen praten en hen beter kunnen betrekken in de beslissing tot uithuisplaatsing.
Het gesprek duurt ongeveer een uur en wordt opgenomen met een voice-recorder.
 
Wie kan meedoen?
 
Wij zoeken jongeren en jongvolwassenen voor dit onderzoek die:
Tussen de 16 en 26 jaar oud zijn.
Na hun 4e en voor hun 12e verjaardag uithuisgeplaatst zijn.
Daarna tijdelijk of voor een langere tijd in één of meerdere pleeggezinnen (netwerk of onbekenden), gezinshuizen of residentiele woongroepen hebben gewoond.
 
Wat krijg jij er voor terug?
 
Deelname is anoniem en vertrouwelijk, maar alle tips van jou en andere jongeren worden doorgegeven aan hulpverleners. Zij kunnen jullie tips gebruiken wanneer zij overwegen jonge kinderen uit huis te plaatsten. Zo draag jij bij aan meer en betere participatie!
Je krijgt een klein bedankje in de vorm van een spel of een bioscoopbon van 10 euro.
 
Wil je meedoen of heb je vragen?
 
)
 

Familie, buren en vrienden krijgen hoofdrol in jeugdhulp Hoogeveen

Familie, buren en vrienden krijgen hoofdrol in jeugdhulp Hoogeveen
 
‘Jong Hoogeveen heeft de Toekomst’ is de tekst op een tegel die vandaag op het schoolplein van basisschool De Krullevaar is gelegd. De gemeente Hoogeveen introduceert daarmee een nieuw jeugdzorgbeleid. Doel is kinderen en jongeren uit de hulpverlening te houden door bij problemen ouders, de omgeving en andere jongeren in te schakelen.
Geschreven door
Hielke Meijer
Hoogeveen heeft de nieuwe werkwijze afgekeken van Leeds. Deze Engelse stad gooide acht jaar geleden het beleid over een andere boeg. Want steeds meer jongeren kwamen in de hulpverlening en vervolgens in opvangplekken terecht.
 
Voorbeeld Leeds
Sue Rumbolt en Andy Lloyd van Childfriendly City Leeds zijn deze week in Hoogeveen om de filosofie achter hun beleid aan een eerste groep Hoogeveense leraren en hulpverleners uit te leggen.
 
Rumbolt: “Hulpverleners, bedrijven en scholen in Leeds zijn gaan samenwerken. We wilden drie dingen veranderen. Ten eerste het aantal kinderen dat in een jeugdopvang terechtkomt laten dalen. Het tweede is jongeren na school begeleiden naar een goede vervolgopleiding of een baan. Het derde is dat we kinderen helpen om goede resultaten op school te halen.”
 
Hoogeveense Aanpak
Trudy Leijssenaar is directeur van OBS Villa Kakelbont in Hoogeveen. “Elke school heeft nu nog zijn eigen methode, nu wordt dat overal hetzelfde. We noemen het de Hoogeveense Aanpak. Dat is bijvoorbeeld als twee kinderen ruzie hebben, je met met elk kind in gesprek gaat, om het samen op te lossen.”
 
“Kinderen willen we laten inzien wat er gebeurd is, hoe zij zich daar beiden bij voelen en wie daardoor geraakt is en wat ze nodig hebben om weer verder te gaan”, vervolgt Leijssenaar. “Als kinderen dat elkaar kunnen uitleggen, kunnen ze elkaar misschien helpen. Als leerkrachten, ouders en sportdocenten wil je het graag voor de kinderen doen, nu doe je het mét de kinderen.”
 
Minder jeugdopvang
De inschakeling van de omgeving hielp in Leeds. Terwijl in In andere Engelse steden het aantal jongeren in de opvang nog altijd stijgt, daalt dat aantal in Leeds. In acht jaar tijd elf procent minder kinderen en jongeren in de opvang. Het bespaarde de stad al twintig miljoen pond, zegt Rumbolt.
 
“Het verschil is dat we met de mensen, de familie en de omgeving van een jongere samen werken”, zegt Rumbolt. “Het uitgangspunt is dat eerst moet worden vastgesteld of de thuissituatie deze aanpak toelaat.”
 
Lange adem
Wethouder Gert Vos heeft goede verwachtingen van de aanpak: “In Hoogeveen groeien veel kinderen op in een achterstandssituatie. Wij willen die kinderen gelijke kansen op een goede toekomst geven. Het is een aanpak van lange adem, maar ik geloof er heilig in dat dit tot resultaat gaat leiden.”
 

Maatregelen RvdK na rapporten Inspecties

13-02-2019 bron: Raad voor de Kinderbescherming

Kinderbescherming wachtlijsten toezicht

Naar aanleiding van de rapporten van de Inspecties Justitie en Veiligheid en Gezondheidszorg en Jeugd over de wachttijden en de toezichthoudende taak van de RvdK.

Rapport wachttijden beheer

De RvdK heeft te hoge wachttijden. De Inspecties Justitie en Veiligheid en Gezondheidszorg en Jeugd hebben onderzoek gedaan naar de maatregelen die de RvdK heeft getroffen om risico’s voor wachtende kinderen te beperken. De minister heeft het onderzoek met een beleidsreactie vandaag aan de kamer aangeboden.

De RvdK prioriteert de onderzoeken. Als kinderen in acuut onveilige situaties verblijven, start de RvdK direct het onderzoek. De RvdK is het met de inspecties eens, dat de maatregelen die toezien op de veiligheid van de kinderen die langer moeten wachten, aanscherping verdienen. Uit een eigen onderzoek van de RvdK naar het beheer van de wachtlijsten komt naar voren dat op casusniveau scherpe en concrete afspraken nodig zijn met ouders en ketenpartners, als de wachttijd langer is.

Uiterlijk 1 maart gaat de RvdK met de betrokken partners deze afspraken maken. Bij alle meldingen voor kinderbeschermingsonderzoeken wordt een risico-uitspraak gedaan, waarin het ontbreken of weigeren van hulpverlening wordt meegewogen. Ook wordt vastgelegd hoe de veiligheid minimaal moet worden gegarandeerd, wie toezicht houdt en wat de consequenties zijn als de afspraken niet worden nageleefd. De melder of casusregisseur wordt actief geïnformeerd over de wachttijd.

Verkorten wachttijden

De Inspecties onderstrepen de urgentie om de wachttijd voor onderzoek te verkorten. Alleen dan kunnen de risico’s voor de kinderen beperkt blijven. De norm voor de wachttijd voor raadsonderzoek is tien dagen. De eerste kwartalen van 2018 bedroeg die tijd gemiddeld dertig dagen, vanaf 1 januari publiceert de RvdK elke maand de gemiddelde landelijke wachttijden voor onderzoek op de website. Onder de naam ‘Versnellen naar 2020’ voert de RvdK sinds oktober 2018 een pakket maatregelen uit dat er op gericht is de wachttijden terug te brengen. Om er zeker van te zijn dat de wachttijden binnen de norm gaan vallen is het nodig dat de RvdK zich meer gaat richten op zijn wettelijke taken. Sinds de decentralisatie van de jeugdhulp zijn medewerkers veel tijd kwijt aan het beantwoorden van algemene vragen en consulten van samenwerkingspartners, terwijl dit niet tot hun kerntaak behoort. De RvdK zal met de samenwerkingspartners in gesprek gaan over wat zij van hem mogen verwachten. De website zal worden aangepast, zodat relevante informatie gemakkelijker toegankelijk wordt. Met de betrokken partners zal bovendien worden nagegaan op welk ogenblik in het proces behoefte is aan de expertise van de RvdK.

Rapport Toezichthoudende taak

Ook hebben de inspecties onderzoek gedaan naar de toezichthoudende taak van de RvdK op de jeugdreclassering door de Gecertificeerde Instellingen. De RvdK beoordeelt of de gestelde reclasseringsdoelen worden gehaald en termijnafspraken worden nageleefd. De inspecties concluderen dat de wijze waarop de RvdK nu uitvoering geeft aan de toezichthoudende taak onvoldoende bijdraagt aan de borging van continuïteit en samenhang binnen de jeugdstrafrechtketen. Daarmee maakt de RvdK zijn toezichthoudende taak onvoldoende waar. Hier is volgens de Inspecties verbetering op noodzakelijk. Medewerkers van de RvdK geven nu prioriteit aan andere taken waardoor de toezichthoudende taak hieraan ondergeschoven raakt.

Zoals de inspecties aangeven, is de RvdK voor een goede uitvoering van zijn toezichthoudende taak afhankelijk van de andere partners in de jeugdstrafrechtketen en is meer scherpte noodzakelijk over de verantwoordelijkheden van de RvdK en andere betrokkenen. De RvdK gaat met de aanbevelingen van de inspecties aan de slag en stelt in overleg met de ketenpartners nog voor de zomer een plan op om het toezicht op de uitvoering van de jeugdreclassering te verbeteren.

Het versterken van de toezichthoudende taak vraagt de komende tijd verhoogde inzet van tijd en capaciteit van de medewerkers. Tegelijk zet de RvdK fors in op het terugbrengen van de wachttijden. Beide opgaven betekenen een forse inspanning voor de medewerkers, maar de RvdK zet alles op alles om deze twee doelen te realiseren. Over de voortgang blijft de RvdK periodiek verantwoording afleggen aan de inspecties en de minister

Bron:

Aantal gezinshuizen blijft stijgen

Het aantal gezinshuizen en het aantal kinderen/jongeren dat in gezinshuizen woont, is in de afgelopen twee jaar gestegen. In 2018 waren er 937 gezinshuizen waar 3113 kinderen/jongeren woonden. Een stijging van respectievelijk 20% en 22,6% ten opzichte van 2016. Deze cijfers en nog meer informatie staan in de nieuwe Factsheet Gezinshuizen 2018.

Lees meer …